Kleine goedheid

27 juli 2020

Jaar A, 17e zondag door het jaar, 27 juli 2020
Matteüs 13, 44-52

Al duizenden jaren heeft de mens te maken met drie altijd aanwezige en dominante problemen: honger, ziekte en oorlog. Deze problemen lijken vandaag de dag voor een groot deel overwonnen. We zijn met elkaar in staat om voldoende voedsel te produceren voor de hele planeet. De medische wetenschap, de groeiende biologische kennis en de voortschrijdende techniek maken het mogelijk onze levensverwachting enorm op te rekken. We hebben echter een aanhoudend probleem met gewelddadige conflicten en de eerlijke verdeling van voedsel en grondstoffen over de wereld.

De huidige corona-crisis heeft ons bovendien met de neus op de feiten gedrukt: we zijn en blijven kwetsbaar, er zijn geen garanties voor een lang en gelukkig leven. Wat dat laatste betreft: geluk kan je niet bezitten. Het is vaak vluchtig en betekenisloos. Waar kunnen we het dan wel vinden?

In het evangelie horen we Jezus vandaag over het begrip: ‘Het Rijk der Hemelen’ spreken. Jezus vertelt door middel van gelijkenissen hoe we ons dat kunnen voorstellen. Allereerst de vraag: waarom zouden we ons de vraag naar het Rijk der Hemelen stellen? Veel mensen vragen zich af: is er wel een hemel, hoe moet ik me die dan voorstellen en ben ik er welkom? En wanneer is het mijn tijd?

Met dat laatste zijn we bij een wezenlijke vraag terecht gekomen. De schat in de aarde, de parel van de koopman. We kunnen ons allemaal het verlangen naar iets moois en waardevol voorstellen. Meer nog dan hoe we ons het rijk der hemelen moeten voorstellen is er die vraag naar het moment, de tijd. Jezus verwijst daar ook naar als hij het heeft over het sleepnet met de vissen. Op het einde van de wereld is er ook een einde aan de tijd.

Op de digitale theologische encyclopedie Lucepedia van de Universiteit van Tilburg lezen we: de tijd is voor ons als christenen geen neutraal gegeven. Tijd is – net zoals deze zondag als de dag des Heren – een geschenk en tegelijk een opdracht. We hebben de tijd gekregen van God. Tijd is leven. God als oorsprong en bestemming. Door de tijd zijn we gericht op Gods toekomst die verder reikt dan de onze.

We mogen de tijd dan ook heiligen. Dat is waarderen, dankbaar zijn, bijzonder maken – dat is heilzaam – maken voor onszelf, ja voor alle mensen. Dat doen we vandaag deze Eucharistieviering, samen te vieren. We vertellen de verhalen van onze voorouders. Vanuit de Joodse traditie en die van Jezus, zijn leven, dood en verrijzenis. Zo krijgen de dagen een eigen betekenis en begeleiden ze ons door de seizoenen en jaren. Het kerkelijk jaar is daarmee met zijn bijzondere feesten en zondagen door het jaar niet puur een cirkel alsof we elk jaar in eenzelfde kring rondgaan. We vieren een geschiedenis van God met de mensen, die een begin heeft in de schepping en op weg is naar de voleinding.

En dan blijft er de vraag naar geluk. De schat in de akker, de parel. We zijn bereid daar alles voor aan de kant te zetten. De Vlaamse psychiater Dirk de Wachter heeft onderzoek gedaan en nagedacht over de zoektocht van de hedendaagse mens naar geluk. In Nederland behoren we samen met enkele Scandinavische landen tot de gelukkigste mensen op aarde. We geven het leven gemiddeld een rapportcijfer van 7,8. En toch – zo constateert Dirk de Wachter – zijn veel mensen niet gelukkig. Dat blijkt alleen al uit de toegenomen wachttijden voor psychologische en geestelijke hulp. Daarnaast is het aantal categorieën en typeringen waarmee onze geestelijke gezondheid – of het gebrek daaraan – diagnosticeren in de afgelopen decennia alleen maar toegenomen.

Een belangrijke factor lijkt daarbij te zijn het hedendaags gebrek aan echt menselijk contact. De Corona-crisis heeft dat nog eens duidelijk gemaakt. De moderne individualistisch ingestelde mens heeft naast telefoon, WhatsApp en Facebook behoefte aan echt fysiek contact.

Dirk de Wachter signaleert nog een probleem in de maatschappij: We zijn veelal bezig met doen, maar niet met het zijn. We zijn ons vaak niet bewust van wat we doen, of waarom we dat doen. We zijn eigenlijk veel te weinig bezig met het fundamentele denken: wat is de wereld? Wat is het goede leven? Of zoals we vandaag van Jezus horen: Wat is het Rijk der Hemelen?

Dirk de Wachter benadrukt dan ook dat we ons daartoe de tijd moeten gunnen. Door de nieuwe media die ons op steeds meer manieren aan ons opdringen is het moeilijker geworden om een time-out te nemen. Even niks te doen. Ons zelfs te vervelen en dat niet te zien als een teken van ongelukkig zijn of mislukking. Verveling is heel belangrijk: ‘Het goed is als het brein even geen input heeft’. Dirk de Wachter pleit er dan ook voor om de tijd nemen voor het geval we ons ongelukkig voelen. We kunnen er beter niet van weglopen, maar het toelaten en er over praten. Wij als individuen hebben elkaar nodig. We zijn in wezen kwetsbare mensen. Juist dan voelen we dat we de ander nodig hebben. Dat besef van gevoeligheid en kwetsbaarheid is nodig om samen te leven. Zijn we bereid om onze eigen kwetsbaarheid onder ogen te zien en te tonen?

Dirk de Wachter pleit in navolging van de filosoof Levinas voor de zogenaamde ‘kleine goedheid’. Dat is een kleine daad van goedheid tegenover de kwetsbare ander. De kleine goedheid is een betekenisvolle daad die in al zijn bescheidenheid concrete hulp biedt aan de ander. Daarvoor is geen structuur of organisatie nodig. De kleine goedheid kan niet alles oplossen. Het doet in de kern iets goeds voor de ander zonder dat we daar iets voor terug verwachten. En juist van het goed doen voor de ander worden we zelf ook gelukkig.

We mogen daarmee een glimp van het Rijk der Hemelen hier op aarde ontdekken. Sterker nog we mogen er zelf aan meewerken. Welke kleine goedheid zal ik vandaag doen?

 

BJ