“Call 4 Peace”

6 oktober 2019

Jaar C, 27e zondag door het jaar, 6 oktober 2019
Habakuk 1,2-3;2,2-4, 2 Timoteüs 1,6-8.13-14 en Lucas 17,5-10

Afgelopen woensdag mocht de 19-jarige Hajar Yagkoubi uit Helmond de Verenigde Naties toespreken in New York. Een geweldige ervaring voor het meisje en blijkbaar ook voor de leden van de VN. Zij waren volgens de krant muisstil toen zij aan het woord was. In vijf minuten tijd vertelde zij hoe belangrijk het volgens haar is, wanneer juist jongeren zich omringen door mensen die anders zijn. Ze zei: „Het verbreedt je horizon en zorgt dat polarisatie in de samenleving minder sterk wordt. (…) Sociale media kunnen ervoor zorgen dat je alleen informatie ziet die al bevestigt wat je denkt. Dan kom je in een bubbel en ga je nog extremer denken.” Ze haalde een herinnering aan uit haar tijd op het Dr.-Knippenbergcollege. “Tijdens maatschappijleer las ik in het lesboek de term ‘Marokkanenprobleem’. Als Nederlands meisje met Marokkaanse ouders raakte me dat. Waarom mensen terugbrengen tot één aspect? Ineens was er sprake van wij en zij.” “Angst voor het onbekende leidt tot polarisatie, betoogde Yagkoubi. „Laten we elkaar daarom leren kennen.” [ED, 3 oktober 2019].

Haar pleidooi sluit naadloos aan bij de “Franciscan Call 4 Peace”, een initiatief van de Franciscanen wereldwijd, die vroegen om afgelopen vrijdag 4oktober op het feest van de heilige Franciscus om 14.00 uur de kerkklokken te luiden. Het is dit jaar precies 800 jaar geleden dat Franciscus de stoute schoenen aantrok tijdens een van de kruistochten en een gesprek aanvroeg met de islamitische sultan Malek Al-Kamil, die als niets ontziend, gewelddadig en gevaarlijk werd beschouwd. De pauselijke legaat en de kruisvaarders verklaarden hem dan ook voor gek. Hij zou nooit levend van zijn bezoek terugkomen. Maar de sultan van Egypte ging juist het gesprek aan. Enkele dagen later kwam Franciscus met zijn metgezel ongedeerd terug in het kruisvaarderskamp. Zij zouden zelfs geschenken meegekregen hebben van de sultan.

Kunnen we nog geloven in een toekomst van vrede?

“Geef ons meer geloof,” vragen de apostelen aan Jezus. “Hoe lang moet ik nog roepen,” vraagt de profeet Habakuk in al zijn ellende in de eerste lezing. Het antwoord op beide vragen klinkt hoopvol: “Geef het wachten niet op, er komt beslist vrede,” krijgt Habakuk in een visioen te horen. “God heeft ons niet een geest geschonken van vreesachtigheid, maar een geest van kracht, liefde en bezonnenheid,” schrijft Paulus aan Timoteüs. En Jezus houdt zijn vrienden voor dat je niet zoveel geloof nodig hebt om wonderen te verrichten. Want al is het klein als een zaadje, het kan uitgroeien tot een grote boom.

De sleutel zit hem in het doorbreken van een eenvoudig wij-zijn-goed en zij-zijn-slecht denken. Dat begint al bij één jongere die een toespraak houdt, bij één man die het risico neemt om in gesprek te gaan. Het begint gewoon bij onszelf, bij ons vertrouwen, ons geloof.

Franciscus was onder de indruk van zijn gesprek met de sultan. Op de berg La Verna –, waar hij later een visioen zou krijgen van een gevleugelde en gekruisigde serafijn en de stigmata ontving, de ultieme verbondenheid met Christus in lijden en in liefde –, op die plek kwam hij ook tot een gebed waarin hij God aanroept met 33 namen. Het is geïnspireerd op de recitatie van de 99 Schone Namen in de Islam. Beide gebeden laten een bemoedigende glimp zien van wie God is. Met Franciscus en in verbondenheid met zovelen uit alle windstreken en van alle geloofsrichtingen wil ik dan ook bidden:

Gij zijt de heilige Heer, de enige God,
Gij die wonderbare dingen doet.
Gij zijt sterk, Gij zijt groot,
Gij zijt de Allerhoogste,
Gij zijt de Almachtige,
Gij, heilige Vader, koning van hemel en aarde.
Gij zijt drievuldig en één, Heer, God van de goden.
Gij zijt het goede, al het goede, het hoogste goed,
de Heer, de levende en ware God.
Gij zijt liefde, genegenheid,
Gij zijt wijsheid, Gij zijt nederigheid,
Gij zijt geduld, Gij zijt veiligheid, Gij zijt rust,
Gij zijt vreugde en blijdschap,
Gij zijt gerechtigheid en matigheid,
Gij zijt alles, onze rijkdom tot verzadigens toe.
Gij zijt schoonheid, Gij zijt zachtmoedigheid,
Gij zijt beschermer, Gij zijt behoeder en verdediger.
Gij zijt sterkte, Gij zijt toevlucht.
Gij zijt onze hoop, Gij zijt ons geloof, Gij zijt liefde,
Gij zijt heel onze zoetheid, Gij zijt ons eeuwig leven,
de grote en bewonderenswaardige Heer,
de almachtige God, de barmhartige redder.

PJ