Deur

21 augustus 2016

Jaar C, 21e zondag door het jaar, 21 augustus 2016
Jesaja 66, 18-21, Hebreeën 12, 5-7.11-13 en Lucas 13, 22-30

In de expositie ‘Reflectie’ staat een oud, verweerd deurkozijn. Het dateert uit 1715 en komt uit de boerderij ‘de Hees’ in Vlierden. De bewoners waren in die tijd kleiner dan de doorsnee mens nu. Je moet bukken om erdoorheen te gaan. Dat gaat overigens niet zomaar, want Annie van den Corput-Vanlier heeft er met fijne draden en textiel een soort sluier voor gehangen. Je kunt er doorheen kijken, maar het beeld blijft wazig. Het maakt nieuwsgierig naar de andere kant. ‘Een nieuwe weg’ gaf zij als titel aan deze poort, die de doorgang naar het nieuwe symboliseert.

Afgelopen maandag werd bij het Indisch monument in Den Haag de capitulatie van Japan herdacht op 15 augustus 1945, nu 71 jaar geleden, waarmee voor het Koninkrijk der Nederlanden een officieel einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Dat leidde niet tot vrede en veiligheid. In het machtsvacuüm dat toen ontstond begon de Bersiap, de onafhankelijksstrijd. Uit verhalen van wie in Japanse kampen geïnterneerd waren blijkt de wreedheid waarmee zij te maken kregen. Daarbij wordt als voorbeeld telkens genoemd het gedwongen diepe buigen voor de bezetter, of zomaar urenlang in de zon. Zij maakten doorgaans wel de beweging, maar voelden van binnen nooit het respect dat de Japanners van hen verlangden. Hun wilskracht en overlevingsdrift liet zich niet kleinmaken.

Hoewel de buigplicht terecht als zeer vernederend werd ervaren – omdat het opgelegd werd –, is het van belang om te beseffen dat het buigen een belangrijk en eeuwenoud onderdeel is van de Japanse traditie tot op de dag van vandaag. Japanners zullen elkaar bij het begroeten nooit een hand geven. Zij maken een buiging, waarbij er heel exact gekeken wordt dat de laagste in rang ook de diepste buiging maakt. Iemand vertelde dat de Japanners dit gebruik ook relativeren. Zo zou de deur van een toilet doorgaans laag zijn, zodat daar iedereen, hoog of laag in rang, moet buigen om er binnen te gaan. Uiteindelijk zijn we allemaal gelijk. Het buigen heeft dan ook alleen waarde als het een uiting is van wederzijds respect. Dat ontbrak in de oorlogsjaren.

Jezus spreekt in het evangelie over een nauwe deur. Hij vraagt ons ons in te spannen erdoor binnen te gaan. En hij waarschuwt dat dit niet gemakkelijk is. Ik moest denken aan de Olympische Spelen. Vooraf werd door de media al het aantal medailles genoemd dat Nederland zeker zou halen. Maar de afgelopen weken blijkt de ene na de andere favoriet en kanshebber het niet te halen, terwijl juist anderen, van wie je het in eerste instantie niet verwacht, wel op het erepodium terecht komen.

deur 2

Succes is niet vanzelfsprekend, er is geen levenslange garantie op geluk, voor topsporters niet, voor niemand. Maar wat moet je dan doen om door de nauwe deur binnen te kunnen? Niet buigen voor de ander, wel met respect omgaan met je naasten.

In het boek ‘Lijden verlichten’ van Marinus van den Berg las ik een uitspraak van de Rotterdamse dichter Jules Deelder: “De omgeving van de mens is de medemens.” De nauwe deur gaat verder open, naarmate wij onszelf, voorbij ons eigen ik, open stellen voor de ander. Van den Berg reageert daarom met: “Misschien zijn we te veel op onszelf geraakt en wordt het weer tijd om te werken aan de kwaliteit van intermenselijk verkeer, dichtbij, in onze eigen omgeving.”

De omgeving van de mens is de medemens…

 

PJ