Die blik

3 december 2020

Heilige Familie, 27 december 2020
Genesis 15, 1-6; 21, 1-3, Hebreeën 11, 8.11-12.17-19 en Lucas 2, 22-40

Ik werd geraakt door een gedicht van Rennie van Windt, dat ik las op Facebook. Ik citeer:

Kan duisternis zo diep zijn
dat zelfs het licht van Kerstmis
er niet binnendringt?
Durf je die vraag wel stellen
als je het antwoord vreest?

Wat rest ons dan
behalve woorden zoeken,
aarzelende, bange woorden,

om ons verlangen uit te spreken
dat ooit het licht van Kerstmis
zelf het antwoord is?

Vorige week stond in het Eindhovens Dagblad (Moederziel alleen, ED 20 december 2020, Jelle Krekel) een uitgebreid artikel over het tienjarige Syrische jongetje Youssef dat een tijdje terug helemaal alleen bij een tankstation langs de A67 bij Helenaveen werd gevonden. De wijkagent vergeet nooit mee de blik in de ogen van de jongen. “Niet eens de gescheurde jas. Niet zijn vuile huid. Die blik. Alsof er een leven lang ellende in weerspiegeld wordt.” Zijn verhaal is het verhaal van duizenden kinderen die zich elk jaar in Europa melden, enkele honderden in Nederland.

Wat een contrast met de foto in Trouw van 24 december (De Verdieping, 24 december 2020) Bergamo) van een kindje op de arm van moeder die een lichtje aansteekt in een kerk in Bergamo. Het kind staart gefascineerd in het vlammetje. Alleen heeft het artikel bij de foto een ernstige toon: het gaat over de stad waar het coronavirus ongenadig heeft toegeslagen en honderden mensen per dag zijn overleden in de eerste golf. “De stad van lijden en dood begint een nieuw leven”, staat boven het artikel. Het kind heeft gelukkig nog geen weet van dat lijden en die dood.

Maria en Jozef lopen als de tempel binnen als hun kind ongeveer een maand oud is. Het is een oude Joodse traditie om dan een dankoffer te brengen. Een intiem gebeuren dat onverwachte betekenis krijgt als zij twee oude mensen ontmoeten: Simeon en Hanna. Zij spreken grote woorden uit over het kleine kind. Het kind is een licht, een glorie voor alle volken, een redder. Maar er zit ook een keerzijde aan deze hoopvolle woorden: het kind zal ook weerstand oproepen, En – zo zegt Simeon tegen Maria: dat zal snijden door haar ziel. Wat moeten Maria en Jozef wel gedachte hebben. “Ze stonden verbaasd”, schrijft Lucas.

Wat moet er van dit kind worden, zullen ze gedacht hebben. Zij zullen de kwetsbaarheid van het leven gevoeld hebben. Als ouder wil je je kind beschermen. Maar het zal ook z’n eigen weg moeten zoeken met vallen en opstaan. Je hebt daar als moeder of vader weinig grip op. En hoe meer je je kind probeert vast te houden, des te meer voel je je invloed uit je handen wegglippen. Dat snijdt door je ziel. Telkens weer.

Wat denkt die moeder van het kindje in de kerk in Bergamo? Wat gaat er door de moeder van Youssef heen, als zij nog leeft… Zal ze haar kind ooit terugzien? Zal hij zijn ouders ooit terugzien? “Het gaat naar omstandigheden redelijk met de jongen,” zo besluit het artikel in de krant. Zal die blik van een leven lang ellende blijven weerspiegelen, of komt er toch ooit weer een fonkeling van geluk op zijn gezicht?

“Het licht schijnt in de duisternis”, hoorden we tijdens de kerstdagen. En ook de oude Simeon zingt van dit licht. “Geloof ziet het beste in het donker”, schreef Welmoed Vlieger een paar weken geleden. “Geloof kan niet volledig worden begrepen in tijden van vrede, vooruitgang en geluk. Juist wanneer vrijwel alle hoop en perspectief zijn verdwenen en er geen logische reden is om door te gaan, kan het geloof plotseling doorbreken als een helder licht in de donkere nacht.

Ik wens alle baby’s die in kaarslicht turen,
alle Youssefs op zoek naar een betere wereld,
iedereen die doolt in het donker,
dat licht van Kerstmis toe,
talrijk als de sterren aan de hemel.

Dat ooit het licht van Kerstmis
zelf het antwoord is.

 

PJ