Doorkijk

25 december 2017

Kerstmis 2017
Jesaja 9, 1-3.5-6 en Lucas 2, 1-14

Vorige week vrijdag, 15 december 2017, bij de viering in Vlierden van het 60-jarig priesterjubileum van pater Piet Schellens, zongen kinderen het lied:

“Witte zwanen, zwarte zwanen,
wie gaat er mee naar engelland varen?
Engelland is gesloten,
de sleutel is gebroken.
Is er dan geen smid in het land
die de sleutel maken kan?
Laat doorgaan, laat doorgaan,
wie achter is moet voorgaan!”

Een verrassende keuze, maar Karel Koolen sloot er in zijn overweging bij aan. De gebroken sleutel naar engelland, dat gaat niet over de Brexit. Engel-land is met dubbel ‘L’. Het lied gaat over het leven, over de sleutel tot zin en geluk, tot het Rijk van God, de hemel op aarde en daarna. Maar die sleutel laat zich niet gemakkelijk vinden. Het leven is vaak gebroken, het zicht op de toekomst troebel.

Dat sluit mooi aan bij het thema dat ik aan de kerstgroep in de St. Willibrorduskerk Deurne heb willen geven. De beelden staan rond een deurkozijn. In verhouding met de beelden lijkt het kozijn eerder een poort. In mensenmaat is het te klein om rechtop door te lopen. Je moet je bukken. Het droeg vanaf 1715 een deur van boerderij De Hees in Vlierden. Toen het kozijn vervangen werd, maakte kunstenares Annie van den Corput-Vanlier er een kunstwerk van door er een gordijn in te hangen van rafelige vitrages en draden. Je kunt er doorheen kijken, maar niet goed.

Ik moest denken aan het touwtje uit de brievenbus, waarover Jan Terlouw ruim een jaar geleden mijmerde en dat voor hem een beeld van vertrouwen is. Het touwtje uit de brievenbus laten hangen kan niet meer, de achterdeur open laten staan ook niet. “Engelland is gesloten, de sleutel is gebroken.”

Het lijkt alsof er in onze tijd steeds meer deuren dichtgaan, van landen – met “America first” en de “Brexit” als prominente voorbeelden –, maar bijvoorbeeld ook de grenzen die steeds meer gesloten worden voor vluchtelingen, voor migranten, en de bizarre afkeer, ja haat zelfs, waarmee andersdenkenden en anderslevenden worden benaderd of juist afgestoten.

Tekenend is ook dat we allerlei ogenschijnlijke tradities als onaantastbaar erfgoed willen bestempelen, alsof ze in een gesloten vitrinekast van een rariteitenkabinet alleen nog maar te bekijken zijn. Daar moet iedereen vanaf blijven. Maar we vergeten dat tradities alleen zin hebben als ze levende traditie zijn en dus in beweging.

Discussiëren en debatteren verworden steeds meer tot het poneren van stellingen en je daarachter verschuilen. Luisteren, je inleven in de ander, gedachten overwegen en misschien wel van gedachten veranderen, is er nauwelijks meer bij.

Er zijn veel mensen die het moeilijk hebben om perspectief te zien. Wie in de schulden zit, gebruik moet maken van de Voedselbank; wie afhankelijk is van zorgverlening ervaart soms dichte deuren, die ernstig piepend maar moeizaam op een kier te krijgen zijn. Deuren kunnen ook dichtslaan als mensen in hun relatie uit elkaar groeien, als ziekte op je pad komt. Iemand vertelde over zijn vrouw die de ziekte van Altzheimer heeft. Hij doet alles voor haar, maar hij voelt dat er langzaamaan een deur dichtgaat. Het contact met zijn vrouw staat nu nog maar op een kiertje. Hoe daarmee om te gaan?

In de kerstgroep steekt de kameel zijn kop door het gordijn, nieuwsgierig naar de andere kant. Ergens in de bijbel wordt gezegd dat het gemakkelijker is voor een kameel om door het oog van de naald te kruipen, dan voor een rijke om in het Koninkrijk van God te komen. “Oog van de naald” was de naam van een kleine stadspoort, waar een kameel alleen maar zonder bepakking doorheen kon. Misschien een hint om ons af te vragen waar het eigenlijk om gaat met kerstmis, in het leven.

“Is er dan geen smid in het land
die de sleutel maken kan?
Laat doorgaan, laat doorgaan,
wie achter is moet voorgaan!”

Zo gaat het lied verder. Die smid – er wordt ook wel timmerman gezongen – is een verwijzing naar Jezus, de zoon van een timmerman, ‘vuur dat mensen samensmeedt’ zingt een ander lied, ‘O sleutel van David’ wordt bezongen in één van de zgn. O-antifonen in de dagen voor Kerstmis. Jezus noemt zichzelf de weg en de deur. Het Kerstkind ligt op de drempel van de poort, op de vitragestof en draden die de poort versluieren, en die tegelijk uitnodigen er doorheen te gaan.

“Laat doorgaan, laat doorgaan,
wie achter is moet voorgaan!”

“De laatsten zullen de eersten zijn,” zal het Kerstkind zeggen en voorleven als hij volwassen is. Als kind heeft hij dat aan den lijve ervaren. Daar ligt de sleutel naar de zin van Kerstmis. Pastor Wim de Leeuw schreef het in zijn kerstwens heel treffend:

Het wonder van Kerstmis
gebeurt daar
waar leven wordt doorgegeven,
waar vertrouwen gedeeld wordt,
waar niemand te min,
niemand te onbelangrijk is,
waar eenzaamheid wordt gedeeld
pijn wordt geheeld,
angst niet meer hoeft,
en de vreemdeling onderdak vindt.

Daarmee opent de poort van je hart, de deur naar een Zalig Kerstmis.

PJ