Ogen

30 juli 2017

Jaar A, 17e zondag door het jaar, 30 juli 2017
1 Koningen 3,5.7-12 en Matteüs 13, 44-46

In de Kunsthal van Museum Helmond is een grote expositie van foto’s van Steve McCurry. Tussen de vele prachtige foto’s die hij rondreizend nam in landen als Afghanistan, India, Kashmir, Sri Lanka, Indonesië, Birma/Myamar, Bangladesh, Cambodia, Tibet en Vietnam, hangt ook die ene foto waarmee hij beroemd werd: het Afghaanse meisje met de groene ogen. Sinds dit portret in 1985 op de cover van het tijdschrift “National Geografic” werd gepubliceerd, is het een icoon. Ook voor de fotograaf zelf is deze afbeelding, die hij maakte in een van de vluchtelingenkampen langs de Afghaans-Pakistaanse grens, altijd een parel gebleven. Hij zegt er zelf over:

“Mijn aandacht werd getrokken door dit jonge meisje. Pas jaren later hoorde ik dat ze Sharbat Gula heette. Ze had een intense, angstige blik, zeer doordringende ogen – en toch was ze nog maar een jaar of twaalf. (…) Ik denk dat ze even nieuwsgierig naar mij was als ik naar haar, omdat ze nog nooit gefotografeerd was en waarschijnlijk nog nooit een camera had gezien. Na een paar tellen stond ze op en liep weg, maar dat ene ogenblik klopte alles – het licht, de achtergrond, de uitdrukking in haar ogen. (…) Het is niet echt een glimlach, niet echt een frons. Ze heeft een combinatie van nieuwsgierigheid en alertheid in haar ogen die iedereen biologeert.”

Zeventien jaar later is Steven McCurry teruggegaan naar de kampen, in de hoop het meisje terug te vinden. Hij schrok van haar, toen zij haar sluier afnam. hij had dat beeld van een twaalfjarig meisje voor zich, maar zij was nu een vrouw van dertig die een zwaar leven leidde. Vanaf dat moment ondersteunde hij haar en haar gezin en begon hij zich in te zetten om Afghaanse meisjes en jonge vrouwen verder te helpen, o.a. met onderwijs. Hij had zijn parel, zijn schat teruggevonden en bleef haar koesteren.

Wonderlijk hoe een toevallige ontmoeting, één oogopslag soms zo’n indruk kan maken dat het een leven verder bepaalt. Ik heb dat zelf niet zo expliciet als deze fotograaf met het Afghaans meisje ervaren, maar ik heb wel gezien hoe mensen, jong en oud, de last van het leven dragen en dat hun geloof hen daarbij vaak op de been houdt. Het heeft mij op pad gezet om priester te worden, om te zoeken naar die parel die “Rijk van God” heet. Ik ben nog niet uitgezocht, maar af en toe vang ik er een glimp van op.

Ik denk dat ik die toch vooral ervaar in de ogen van anderen. Ogen die genieten, ogen die vragen, ogen die tranen, ogen die wanhopen, zoeken, wegkijken, ogen vol woede, twijfel, angst, strijdbare ogen, glinsterende ogen, gesloten ogen.

Fotograaf McCurry kijkt mensen ook graag in de ogen, als hij hen fotografeert. In de brochure bij de tentoonstelling lees ik: “Ogen zijn zo expressief; ze zeggen zoveel over wie iemand is en wat hij doormaakt. Ik wil dat ze me recht aankijken, zodat het contact met mij overgaat in een contact met degene die naar de foto kijkt.”

Ogen als parels die verder kijken dan hier en nu,
die mensen met elkaar verbinden en met God.

 

PJ