Onzalig

29 januari 2017

Jaar A, 4e zondag door het jaar, 29 januari 2017
Sefanja 2,3; 3, 12-13, 1 Korintiërs 1, 26-31 en Matteüs 5, 1-12a

Wat een schril contrast, deze zachte woorden met de harde beelden die we de laatste weken zagen:

• Een leraar is zo wanhopig dat hij geen andere uitweg ziet dan van het dak van zijn school te springen. Jonge mensen worden op een afschuwelijke manier geconfronteerd met de dood;
• Sneeuw en ijs veranderen toch al troosteloze vluchtelingenkampen in ijskoude ellende. Zelfs schuilen kan niet meer;
• Wereldleiders verdringen elkaar om de meest harteloze boodschappen te verspreiden via twitter en televisie;
• Nederlandse politici doen er alles aan om zelf groter te worden ten koste van anderen. Respect voor elkaar lijkt ver te zoeken;
• Acht mensen op deze wereld hebben evenveel geld als de helft van de wereldbevolking die in armoede leeft, die honger heeft, die hun kinderen niet te eten kunnen geven, laat staan naar school kunnen laten gaan of naar een dokter dragen als ze ziek zijn.

Onzalige beelden. Onzalige werkelijkheid van alledag.
En wij – hier in ons dorp – kunnen die wereldgeschiedenis waarschijnlijk niet veranderen. Om moedeloos van te worden, denk je dan soms. Die wereld van veraf. Ver van ons bed, maar ook ver van ons geloof.

En toch word ik– ongemerkt – altijd weer warm van die woorden van de Bergrede. Misschien juist wel omdat het gaat over kleine mensen, over mensen van dichtbij, mensen zoals u en ik. Omdat wij dag aan dag juist ook die andere kant van het nieuws zien en ervaren en mee helpen bestaan. De opgestoken hand van mensen als je op straat loopt: we kennen elkaar, we groeten elkaar, we zijn blij om de ander te zien. Mensen gunnen elkaar hier het licht in de ogen.

We vinden het maar heel normaal om iemand een handje te helpen met de tuin, met een klusje in huis of om iemand te bezoeken die ziek is. We zien elkaar. Niet als ideale mensen maar gewoon, zoals we zijn. Met onze nukken en grillen, met onze eigenaardigheden en onze talenten. We zijn blij als het een ander goed gaat. We geloven in de waarde van goede buren en goede vrienden. Net zoals we het de normaalste zaak van de wereld vinden om in Vlierden ons weeshuis te ondersteunen.

Niemand hier is heilig. Maar wat een geluk en wat een zaligheid als mensen gewoon iets voor een ander overhebben.

 

WHK