Overweging: De vier uitersten

15 november 2015

Jaar B, 33e zondag door het jaar, 15 november  2015
Daniël 12, 1-3, Hebreeën 10, 11-14,18 en Marcus Mc 13, 24-32

Wanneer je van Neerkant via de Vuurlinie en de Molenpeel naar Limburg rijdt kom je in het gebied ten oosten van Meijel op de Vier Uitersten terecht. Het is een weg met vele haakse bochten die uiteindelijk op de Heldensedijk uitkomt vlak bij het Kanaal van Deurne en de Helenavaart.

De Vier uitersten zijn de dood, het laatste oordeel, de hel en de hemelse glorie. In een oude catechismus met prenten over de vier uitersten zien we lugubere beelden van graven die open gaan, doden die als skeletten opstaan en mensen die verzwolgen worden in een zee van vuur. In de Sixtijnse kapel in het Vaticaan heeft Michelangelo het wereldberoemde fresco gemaakt dat het laatste oordeel uitbeeldt. Aan de linkerkant zien we hoe mensen omhoog getrokken worden naar de hemel en aan de rechterkant zien we hoe ze letterlijk met scheepsladingen tegelijk in de hel worden geworpen. Het zijn afbeeldingen van de eindtijd waarnaar Jezus vandaag in het Evangelie verwijst.

Op deze voorlaatste zondag van het kerkelijk jaar is de eindtijd een terugkerend thema. Volgende week vieren we Christus Koning. Daarna beginnen we aan de Advent waarin we ons weer mogen voorbereiden en verheugen op de geboorte van Mensenzoon. In de tijd van de apostelen meenden de eerste christenen dat de wederkomst van Jezus en de opstanding der doden en het daarmee samenhangende laatste oordeel nog in hun eigen generatie zou plaatsvinden. In de handelingen van de Apostelen en de brieven van Paulus vinden we dan ook diverse verwijzingen en vermaningen om klaar te zijn voor het moment van de glorievolle wederkomst van Christus. De eindtijd en het laatste oordeel zijn later een wezenlijk onderdeel geworden van onze geloofsbelijdenis als we bidden: ‘Vandaar zal hij komen oordelen, de levenden en de doden’. Maar ook in: ‘Ik geloof in de verrijzenis van het lichaam en het eeuwig leven’.

De eindtijd is overigens geen exclusief christelijk begrip. Ook Joden, Moslims en andere religies en levensovertuigingen hebben zo hun eigen opvattingen over hoe het de wereld zal vergaan. Ook al kennen deze ideeën een gezamenlijke oorsprong, ze hebben tot op de dag van vandaag geleid tot discussies die verdeeldheid hebben gezaaid. Die tot conflicten en crisis hebben geleid met dood en verderf. De crisis in het Midden-Oosten, de vluchtelingenstroom met mensen die met bootladingen tegelijk verdrinken en de bomaanslagen in Parijs ze passen in het rijtje. Maar… zijn het ook werkelijk tekenen van een eindtijd

Voor Christenen is het principieel verkeerd om ons door doemscenario’s te laten meeslepen. Ons geloof is immers gebaseerd op hoop en liefde. Hoop die niet voor niets wordt afgebeeld met het anker als symbool. Het anker waaraan we ons kunnen optrekken en waardoor we blijven vastliggen in de woelige stroom van het leven. Het anker, niet als los te verkrijgen accessoire maar als vaste waarde in ons bestaan. We mogen God kennen als de Barmhartige. Steeds weer opnieuw gaat Hij met ons het verbond aan om ons te herscheppen, ons van angst te verlossen en ons te helpen om met elkaar in vriendschap samen te leven.

Dat is dan ook de pastorale waarde van de gedachte aan de eindtijd. Vandaag laat Jezus ons met nieuwe ogen kijken naar de wereld en onszelf. Wat kiezen we? Gaan we voor onvoorwaardelijke liefde en vriendschap? Kiezen we voor de belofte en hoop op een nieuwe wereld? Wanneer we weer eens over de Vier Uitersten aan de rand van de Peel rijden is het goed ons daar over te bezinnen. We mogen ons dan verheugen op de natuur en de seizoenen en God om kracht vragen om het goede en het mooie te blijven zien.

 

BJ