Overweging: Bloemen en lichtjes

22 november 2015

Jaar B, Christus Koning, 22 november 2015
Johannes 18, 33b-37

Kind: “We moeten heel voorzichtig zijn, we moeten verhuizen.”
Vader: “Nee, je hoeft niet bang te zijn. We hoeven niet te verhuizen. Frankrijk is ons thuis.”
Kind: “Maar er zijn slechte mensen, papa.”
Vader: “Ja, maar er zijn overal slechte mensen.”
Kind: “Ze hebben geweren. Ze kunnen ons neerschieten. Want ze zijn echt heel gemeen, papa.”
Vader: “Dat is zo, zij hebben wapens, maar wij hebben bloemen.”
Kind: “Maar bloemen doen niets. Die zijn voor, die zijn voor…”
Vader: “Natuurlijk doen ze wel iets. Kijk maar. Iedereen legt bloemen neer. Dat is om te vechten tegen de geweren.”
Kind: “Beschermen die ons?”
Vader: “Precies.”
Kind: “En de lichtjes ook?”
Vader: “Die zijn om aan de mensen te denken die gisteren dood zijn gegaan.”
Kind: “De bloemen en de lichtjes beschermen ons.”
Vader: “Ja.”

Een filmpje op YouTube waar een vader en een kind in Parijs worden geïnterviewd bij de kaarsen en bloemen die op straat gelegd zijn om de slachtoffers van de aanslagen vorige week vrijdag te herdenken. Het gesprek doet me denken aan de film “La vita e bella” uit 1997, waarin een vader zijn kind in een concentratiekamp probeert te beschermen tegen de verschrikkelijke waarheid. Hij doet alsof het kamp eigenlijk het decor van een spel is, waarin het kind samen met alle gevangenen mee kan spelen om een geweldige hoofdprijs te winnen: een echte tank. Een ontroerende, beklemmende, aangrijpende film, net als dat fragment op YouTube.

Hoe ga je om met wat er gebeurt, in Parijs, Beiroet, Bamako en zoveel andere plaatsen waar aanslagen waren, of Hannover, Brussel, waar de dreiging van terrorisme het leven verlamt? Moeten we nu anders gaan leven: alerter, voorzichtiger? Moeten we ons leven door angst laten bepalen? Moeten we onze levenswaarden bijstellen of juist de zogenaamde vanzelfsprekendheid van alles wat was voor onszelf weer eens kritisch onder de loep nemen. Vroeger werd het feest van Christus Koning heel triomfantelijk gevierd. Tegenwoordig zijn we daar wat meer bescheiden in. Wat zijn onze waarden eigenlijk? In welke waarheid geloven wij? Hoe objectief is die?

Het is jammer dat de evangelielezing vandaag stopt bij vers 37. De zin die erna komt is namelijk wezenlijk voor het verhaal en voor ons: Pilatus vraagt zich daar af: ‘Maar wat is waarheid?’” Dat is een belangrijke en wezenlijke vraag. Terroristen hanteren een andere waarheid dan wij. Elk geloof heeft zijn eigen waarheid, elke politieke partij, elk land, elke groep, elke mens. Verschillende waarheden kunnen goed naast elkaar bestaan, ze kunnen ook stevig met elkaar botsen. Misschien bestaat er een alles omvattende waarheid, maar daarvan kunnen wij ons geen voorstelling maken, dat gaat ons denken en doen te boven. Zelfs als je die waarheid God noemt, kom je er niet uit. Want Jahweh, Allah, God, zijn niet alleen verschillende namen voor mogelijk eenzelfde allesomvattend Opperwezen, ze worden tegelijk ook elk anders beleefd. Verschillende waarheden kunnen zijn als de facetten aan een diamant, allemaal anders, samen één. Waarheden die andere waarheden niet verdragen, terroriseren, bestrijden op leven en dood, kunnen niet waar zijn.

Als Jezus zegt: “Alwie uit de waarheid is luistert naar mijn stem”, dan mag je dat zien als een uitnodiging om in openheid en bescheidenheid te zoeken naar wat waar is, wat recht doet aan jezelf en vooral ook aan de ander. Voor een kind – en misschien ook voor grote mensen – kunnen dat bloemen en lichtjes zijn, die beschermen tegen mensen met geweren. Ze bieden perspectief tegen de angst, houden de hoop levend dat het ooit allemaal goed komt. Ze helpen ons de moed erin te houden. De Amsterdamse burgemeester Van der Laan zei van de week: “Moed is niet de afwezigheid van angst, moed is het overwinnen van angst.” Mag dat een waarheid zijn voor als de wereld donker lijkt: moed om verder te gaan, licht te zoeken en bloemen van leven.

“Voel je je nu wat beter?” vraagt de interviewer aan het kind bij de bloemen en het licht.
Het kind antwoordt: “Ja, ik voel me beter.”

 

PJ