Overweging: Ervaring

19 april 2015

Jaar B, 3e zondag van Pasen, 19 april 2015
Lucas 24, 35-48

Afgelopen woensdag bezochten de vormelingen van Liessel het Blotevoetenpad bij het Toon Kortoomspark. De gedachte bij dit prachtig aangelegde park is om met al je zintuigen de rijkdom van de natuur te ervaren. Voor de jongens en meisjes was het op deze haast zomerse lentedag vooral een heel gevarieerde speeltuin, hoewel we aan het begin van ons samenzijn even een serieus moment hadden.

Het Blotevoetenpad paste precies bij waar we in de vormselvoorbereiding mee bezig zijn geweest: met een reis, een pelgrimstocht langs verschillende plekken, plekken die allemaal een andere ervaring oproepen, net als de verschillende onderdelen van het pad. Negen bladen, die verspreid over het grasveld lagen, reikten de kinderen bij elke plek enkele stellingen aan. Ze mochten er steeds één van kiezen, de stelling die het beste bij hen past. Die konden ze dan op een blad met sterren schrijven. Zo blikten we nog even terug op al die plekken waar we in de vormselvoorbereiding zijn geweest. En als de jongeren dat sterrenblad helemaal ingevuld hadden, mochten ze het openvouwen. Dan zagen ze een spreuk waarmee ze allemaal glunderend konden instemmen: “De mooiste ster ben je zelf!”

De natuur ervaren. Ervaren wie je zelf bent… Het evangelie gaat vandaag een stapje verder. Lucas probeert ons te laten ervaren wie de verrezen Jezus is. Eigenlijk is dat met geen pen te beschrijven. Daarom probeert hij het zo concreet mogelijk te maken; dat je het haast kunt voelen, dat je Jezus kunt aanraken: “Kijkt naar mijn handen en voeten: Ik ben het zelf. Betast Mij en kijkt: een geest heeft geen vlees en beenderen zoals ge ziet dat Ik heb.” En de leerlingen zien ook nog hoe Jezus smakelijk een stuk geroosterde vis opeet.

Bevestigt dit verhaal ons in ons geloof? We kunnen ons geen voorstelling maken van iemand die dood is en weer terugkomt, tot leven komt; en zeker niet als mens van vlees en bloed. Hoe concreter Jezus’ aanwezigheid wordt, hoe moeilijker het is om zijn verrijzenis te begrijpen.

Maar misschien is het juist de ongeloofwaardigheid van wat Lucas ons presenteert, die ons kan doen vermoeden dat er een kern van waarheid in zit. Zo’n vreemd en gedetailleerd verhaal kun je haast niet verzinnen. En als je het al verzonnen krijgt, zou je het wel uit je hoofd laten om het publiek te maken, want je weet bij voorbaat dat je niet geloofd wordt of zelfs voor gek wordt uitgemaakt. De leerlingen van Jezus kunnen echter niet zwijgen. Zij hebben iets meegemaakt dat niet in woorden is te vatten en ze moeten er wel van getuigen, of ze willen of niet.

Mien Koolen Mennen

Van de week kreeg ik via via een gedicht toegestopt van Mien Koolen-Mennen uit Vlierden. Ze schreef het op 15 oktober 1990 en vertelt erin over haar geloofservaring. Ik lees het u graag voor:

Dikwijls hoor ik mensen vragen:
is er wel een God in deze dagen?
Als ik dan aan het denken sla
en bij mezelf te rade ga,
dan weet ik dat er een God bestaat
die mij, als ’t nodig is, niet verlaat.
Hij is in mij geheel verweven
en daar aan denkend wil ik leven.
’t is moeilijk te verklaren,
maar ik heb ’t zelf ervaren.
Je leed weghalen doet Hij niet,
maar helpen wel in je verdriet.
In de preek van ’n morgen hoorde ik een zin:
God is bij je binnenin.
Voor mij is God een gevoel.
Als je begrijpt wat ik bedoel.

Ik vind het mooi dat de schrijfster van dit gedicht bij alle onzekerheid die het leven en het geloof met zich meebrengt, toch een enorm vertrouwen uitstraalt. Dat kan alleen als je je op het blotevoetenpad van je leven door al je zintuigen, al je levenservaring laat verrassen.

 

PJ