Zie het Lam Gods !

15 januari 2017

Jaar A, 2e zondag door het jaar, 15 januari 2017
Jesaja 49, 3.5-6, 1 Korintiërs 1, 1-3 en Johannes 1, 29-34

“Ik kende Hem niet,” zegt Johannes tot twee keer toe. Dat is vreemd, want Jezus en Johannes zijn neven van elkaar. Nog in de moederschoot, toen Maria bij Elisabeth op bezoek ging, sprong het kind – Johannes – op in de schoot van zijn moeder, toen Maria Elisabeth begroette en de twee zwangere buiken elkaar raakten. Daar herkende Johannes Jezus al. En toch zegt hij nu: “Ik kende Hem niet.”

Vroeger werd, meer dan nu, wel gesproken van ‘kennis hebben aan elkaar’. Dan gaat het over een relatie hebben. Soms hoor je hoe jonge mensen elkaar al lang kennen, misschien zelfs een hele tijd bij elkaar in de klas hebben gezeten, maar pas veel later elkaar opnieuw tegenkomen en dan pas kennis krijgen aan elkaar.

Zo kent Johannes ongetwijfeld Jezus als familielid, maar dat juist Hij de Zoon van God, het Lam Gods is, dat is geheel nieuw, ook voor Johannes. Hem gaan de ogen open.

“Zie het Lam Gods, dat de zonde van de wereld wegneemt.”

Daarmee wijst hij Jezus aan. Zijn woorden zijn door de eeuwen heen in de liturgie blijven klinken. Vlak voor de communie zeggen en zingen we het maar liefst vier keer. “Agnus Dei, qui tollis peccata mundi…” “Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld…”

In de christelijke kunst wordt Johannes de Doper vaak met een lam en een kruis afgebeeld, omdat hij degene is die Jezus aanwijst. En een veelgebruikt symbool voor Jezus is het lam, vaak met een kruis en overwinningsvaan erbij, soms ook liggend op een boek met zeven zegels, een verwijzing naar de Apocalyps.

In de Willibrorduskapel is het Lam Gods in een tableau weergegeven door Lou Manche, die het hele altaarensemble destijds voor de H.Geestkerk heeft ontworpen en gemaakt. In de Sint Jozefkerk is het Lam Gods de enige bewaarde schildering van het gewelf boven het priesterkoor, vroeger recht boven het hoogaltaar dat op de plaats stond waar nu het orgel staat. In de Sint Willibrorduskerk is het Lam Gods in reliëf afgebeeld in het hoogaltaar, onder het tabernakel. Het is een verwijzing naar Christus’ aanwezigheid in het brood en onder ons.

Zie het Lam Gods… We zeggen het zo vaak, we kennen het, maar hebben we er ook kennis aan? Springt er een vonk over als gesproken wordt over het Lam dat Zoon van God is?

Een lam verwijst naar onschuld en zachtmoedigheid. Een lam is weerloos. God maakt zich in Jezus kwetsbaar. Zijn kwetsbaarheid is zijn kracht. Jesaja spreekt over de dienaar, die allen zal redden. Dienaar zijn, dienstbaar zijn, dat is groot zijn in kleinheid. Er komt geen macht of geweld aan te pas. Jezus geeft als een dienaar, als een lam, zijn leven en doorbreekt daarmee het kwaad, de zonden van de wereld. Een lam is dan ook een teken van nieuw leven, lente, opstanding, verrijzenis. Dat ene symbool is een compact symbolum, een Latijns woord dat ‘geloofsbelijdenis’ betekent. “Zie het Lam Gods” is een geloofsbelijdenis.

Johannes spreekt zijn geloof uit in God, in Jezus, zijn Zoon en in de heilige Geest, de zachte kracht die ons doopt met innerlijke vrede, die ons sterk maakt in onze kwetsbaarheid, het Lam Gods dat de zonde van de wereld wegneemt.
PJ