21 november 2021

Jaar B, hoogfeest van Christus Koning, 21 november 2021
Daniël 7, 13-14, Openbaring 1, 5-8 en Johannes 18, 33b-37

Een oude man op de wolken, zo stellen kinderen – en vaak ook volwassenen – zich God voor. Ook de profeet Daniël schetst het zo. Die God heeft wel iets van Sinterklaas, te paard op de daken, nog net niet tussen de wolken, ver weg, onbereikbaar, maar wel goedgezind.

Dit Godsbeeld is misschien wel tekenend voor de geloofscrisis van dit moment. Met het verlies van ons geloof in de heilige Nicolaas, vervaagt vaak ook ons geloof in God. Op zich is dit niet erg. Het hoort bij het volwassen worden om gaandeweg te ontdekken dat het niet alleen om krijgen en hebben gaat, maar dat geven en goeddoen waardevolle menselijke eigenschappen zijn. “De kunst van het delen is heel belangrijk,” zei iemand mij pas. “Dat moet je als kind leren. En kinderen doen dat graag, iets uitdelen.” Ik denk dat zij gelijk heeft.

Zo zou ons godsgeloof mee mogen groeien. Maar dat doet het niet. De ontkerkelijking, ontkerstening, ontchristening, gaat in rap tempo. Eén van mijn vrienden, Frans Croonen, cultuurfilosoof en geestelijk begeleider, schrijft erover in zijn pas verschenen boek ‘Geestkracht’ (Uitgeverij Zilt, 2021). Zijn beschrijving van de huidige situatie in ons land is confronterend. “De aarde is zo plat als een dubbeltje”, schrijft hij. En dan bedoelt hij dit niet letterlijk, maar dat de wereld zó verzakelijkt is, dat het menselijke aspect op veel plekken verdwenen is. De waarde van wie je bent wordt bepaald door je prestaties. Angst om die niet te halen houdt ons in de greep. “Je zou er treurig van worden,” schrijft Croonen: “Het leven is zo mooi, het lacht ons toe. Het zit zo vol verborgen schoonheid en geluk. Waarom maken we er een gevangenis van?”

En op een andere plek: “Niet alleen in ons eigen innerlijk, maar ook in de wereld, de cultuur en de tijdgeest waarin we leven is er een gebrek aan richting, zin en betekenis.” En hij concludeert: “We hebben behoefte aan geestkracht. Geen enkele cultuur, geen enkele samenleving kan zonder geestkracht. Zonder ideale visioenen of dromen, zonder een groter verhaal dat mensen omsluit, met elkaar verbindt en richting geeft voor de toekomst. Die geestkracht, dat grote verhaal missen we momenteel.”

Voor mij als pastor is het soms frustrerend dat wij als geloofsgemeenschap dat grote verhaal – dat we gewoon in huis hebben – nauwelijks kunnen vertalen, niet toegankelijk kunnen maken voor de mensen van deze tijd, terwijl er wel veel behoefte is aan woorden en rituelen.

Gelukkig is Frans Croonen niet pessimistisch en geen doemdenker. Het is voor veel mensen een opluchting om vrij te zijn van de dwingende kant van kerk en religie. Dat biedt ook nieuwe mogelijkheden. Er kan iets heel nieuws ontstaan, ook al is dat op oude grond. “We zijn zoekers geworden. En dat is geen straf maar een zegen en een kans.”

Ik heb het boek nog niet uit en ben benieuwd naar het vervolg. Ondertussen vieren wij het in onze tijd toch wat merkwaardige feest van Christus Koning. Het bestaat nog geen 100 jaar en is ingesteld in de tijd van het ‘Rijke Roomsche leven’, waarin katholieken zich trots en triomfantelijk presenteerden. Die tijd is voorbij. Het triomflied ‘Aan U o koning der eeuwen’ staat niet meer in onze boekjes. Er past nu vooral bescheidenheid. Wat dit betreft is de keuze van het evangelie vandaag een hele goede.

“Mijn koningschap is niet van hier,” zegt Jezus tegen Pilatus. Jezus verstaat onder koning zijn iets heel anders dan Pilatus. Hij is geen koning van macht en pracht, maar een koning in dienst van de ander.

Deze week verscheen een boek dat Claudia de Breij schreef samen met prinses Amalia bij haar achttiende verjaardag. Zij is een meisje nog, maar ook een jonge vrouw. Het trof mij hoe openhartig zij spreekt. En dat vielen meer mensen op. Een andere vriend van mij, Remy Jacobs, geestelijk verzorger in Rotterdam, legde in een gedicht (Gedachten bij Christus Koning 21 november 2021, gelezen op Facebook) een relatie tussen de jonge kroonprinses en het feest van vandaag. Ik citeer:

Een ander koninkrijk

Ze praat over haar leven.
Ze kijkt je aan: dit is wie je krijgt.
Geen rol, maar een mens, een vrouw.
Ze zegt wat ze ziet als toekomst.
Ze spreekt over wat zij op zich neemt.
Ze geeft haar leven voor het land.
En over loslaten als het volk dat wil.
Amalia, geboren koningin.
We zagen het al bij de inhuldiging
en zij zag het.

Mijn koninkrijk is niet van deze wereld.
Ik ben er voor geboren en uitgekozen.
Het is menselijk onmenselijk.
Het is een ander koninkrijk.
Niet mijn ego telt, maar de ander.
In de ogen van anderen,
die niet de hel zijn,
door hun ogen te zien,
door verder te kijken,
kan ik over water lopen,
zelfs wanneer de tiara pijn zal doen.

Pontius Pilatus en Jezus
oordeel en tegenvraag
macht en tegenmacht
masker en mens
rol en persoon.

Door het oordeel is een tegenvraag opstand
Door destructieve macht verpletter je kritiek
Door masker verberg je je zelf
Door vastgehouden rol
word je blind voor de mens tegenover.

Ben je koning? Vraagt Pontius,
Vraag je dit uit jezelf,
of omdat anderen het je hebben opgedragen?
vraagt Jezus.
Het koninkrijk van God relateert Jezus
aan de diepte van de ontmoeting
tussen mensen die voor God gelijk zijn.
Jezus, geboren koning.

Niet macht, masker of rol bepalen
de uiteindelijke verhoudingen
maar wie ik ben ten opzichte van jou
en wie jij bent ten opzichte van mij.

De Pools-Belarussische grens.
Een hek en water scheidt de mensen
soldaten met hun maskers
vluchtelingen met een rugzak,
misschien een halflege powerbank.
Wie ziet wie? Wie kijkt in de ogen?
Wie ziet de mensen, ook de mensen
achter hun masker: doen jullie dit
uit jezelf, of omdat anderen dit opdragen?
Wie ben jij? Wie zie jij?

Een ander koninkrijk
ook wanneer de tiara pijn doet.
Zou God kiezen?

Zo zoekt een jonge vrouw naar zin en geestkracht op een levensweg haar gegeven. Zo leren kinderen spelenderwijs te delen. Zo zoeken wij naar toekomst en perspectief.

 

PJ